Onderzoek/Onderwijs
Synchronisatie
en chaos liggen dicht bij elkaar
Synchronisatie/Paula van de Riet
Foto/Bart van Overbeeke
Twee dansers walsen over de vloer. Hij zet zijn voet verkeerd, zij vangt
het op. Ze dansen verder alsof er niets is gebeurd. Twee robots werken
samen aan een product op een lopende band. De een hapert, de ander werkt
in hetzelfde tempo door. Verderop gaat het mis; het proces komt tot stilstand.
Hoe kun je machines effectief laten samenwerken en hoe vat je de processen
in een werkbaar wiskundig model? Hoeveel informatie is nodig om tot synchronisatie
te komen? In de afgelopen vier jaar heeft de Mexicaan Alejandro Rodriguez
Angeles aan de faculteit Werktuigbouwkunde hard gewerkt aan dit probleem.

Rodriguez proefschrift, getiteld Synchronization of Mechanical
Systems, geeft blijk van een praktische maar ook filosofische kijk
op de materie. Synchronisatie is vaak maar een stapje verwijderd
van chaos, stelt hij. Niet alleen bij machines, maar ook in
menselijke interacties. Globalisatie impliceert interacties
op een wereldwijde schaal, en resulteert in de standaardisatie van ideeën,
gewoonten en sociale-, politieke- en economische systemen. Zodoende veroorzaakt
globalisatie een soort synchronisatie in de mensheid, zo schrijft
Rodriguez in een van zijn stellingen. Als Mexicaan van boeren afkomst
heeft hij zo zijn bedenkingen bij de tendens van de dominante westerse,
kapitalistische cultuur om kleinere, meer traditionele culturen op te
slokken.
Samenwerking, of synchronisatie, kun je namelijk op verschillende manieren
bereiken. In een meester-slaafmodel krijgen slaven informatie van de meester
en houden daar rekening mee. De meester ontvangt geen feedback van het
slaafsysteem. Dit is een zogenoemd external synchronization scheme.
Wanneer de slaven informatie terugsluizen naar de meester, wordt het systeem
ingewikkelder en meer vatbaar voor problemen, maar vaak ook effectiever.
Als de meester rekening gaat houden met zijn slaven krijgen ze een zekere
mate van gelijkheid. In de ultieme vorm bestaan alleen samenwerkende meesters.
Dan kunnen we spreken van een mutual sychronization scheme.
Allerlei combinaties van deze twee basissystemen zijn mogelijk als het
gaat om machines of groepen machines die samenwerken.
Voorbeelden van synchronisatie in mechanische systemen zijn op afstand
bediende meester-slaaf robots die operaties doen in ziekenhuizen of voor
de mens gevaarlijke omgevingen verkennen. Trillingscompensatoren in mijnen
en multi-robotsystemen in productieprocessen werken ook dankzij synchronisatieprincipes.

Twee mechanische robots die Rodriguez heeft gebruikt voor zijn onderzoek.
Illustratie: Alejandro Rodriguez Angeles
Slingeruurwerken
De vroegste wetenschappelijke inzichten over synchronisatie zijn
van de Nederlander Huygens. Hij merkte in 1673 op dat twee slingeruurwerken
die op een balk van een schip hingen op dezelfde frequentie slingerden.
Ook als ze opzettelijk uit hun ritme werden gehaald, keerden ze na verloop
van tijd door de verbinding van de balk en de bewegingen van het schip
gewoon weer terug naar hun oorspronkelijke gezamenlijke frequentie,
vertelt Rodriguez.
Sommige systemen, vooral in de natuurlijke wereld, neigen tot samenwerking.
In de astronomie wordt de synchronisatietheorie gebruikt om de beweging
van hemellichamen te verklaren, denk aan de banen van zon, maan en planeten
Synchrone activiteit is waargenomen in de menselijke hersenen, waarbij
neuronen zich synchroon ontladen op sommige frequenties
Bewijs van
synchrone gedragingen is ook te vinden in de natuurlijke wereld, neem
bijvoorbeeld het geluid van krekels dat bijna als een koor kan klinken,
of het synchrone flikkeren van licht in een groep vuurvliegjes
,
zo schrijft Rodriguez in zijn proefschrift.
Het doel van het onderzoek van Rodriguez was het ontwerpen van regelaars
die synchronisatie tussen twee of meer mechanische systemen (zowel identiek
als verschillend) garanderen. De voornaamste beperking die hij bij het
ontwerp hanteerde, was dat alleen positie informatie van alle
samenstellende systemen via metingen beschikbaar was voor de regelaar.
De ontbrekende informatie over snelheden en versnellingen kwam binnen
via complexe, dynamische wiskundige modellen. De gemeten posities en de
geschatte snelheden en versnellingen gebruikt hij dan in feedback regelaars.
Die garanderen weer de synchronisatie van de mechanische systemen.
Rodriguez past zijn synchronisatieschemas toe op onderlinge organisatieproblemen
van meerdere mobiele robots en satellieten. Op het technische vlak heeft
hij zich beziggehouden met wrijving en flexibiliteit in scharnieren en
verbindingspunten.
De Mexicaanse ingenieur begon zijn promotie-onderzoek exact vier jaar
geleden in Twente. Na zon twee jaar wilde hij zijn modellen wel
eens in de praktijk testen en verfijnen. Philips had toen net een aantal
industriële transposer robots beschikbaar gesteld aan het Dynamics
and Control Laboratory van de TU/e-faculteit Werktuigbouwkunde. Rodriguez
zag kans om zijn onderzoek op een praktische manier voort te zetten en
verhuisde naar Eindhoven. Dit met steun van zijn promotor prof.dr. Henk
Nijmeijer.
Rodriguez zoektocht naar een theoretisch raamwerk waarin minimale
voorwaarden voor synchronisatie zijn verwerkt, is vrij zeldzaam in deze
tak van wetenschap. Over het algemeen blijft men bij wiskundige modellen
die nog ver verwijderd zijn van de werkelijkheid, of houdt men zich bezig
met concrete werktuigbouwkundige problemen. Ik wilde kijken hoe
dicht ik met mijn modellen de werkelijkheid kon benaderen, legt
hij uit.
Rodriguez ging nadenken over de manier waarop we in het gewone leven problemen
oplossen. Als we een probleem niet aankunnen, gaan we niet een grotere
mens maken. We gaan met groepen mensen samenwerken aan een oplossing,
redeneert hij. Zo moet je in de vliegtuigbouw ook geen grotere robot
hebben als de onderdelen te zwaar zijn. Je moet bijvoorbeeld twee of drie
systemen nauwkeurig laten samenwerken om de vliegtuigromp op zijn plaats
te krijgen. Als die samenwerking niet nauwkeurig genoeg is, zie je vervolgens
hoe dicht synchronisatie tegen de chaos aan zit.
Kansen
In Mexico, vertelt Rodriguez, duurt een promotie-onderzoek drie jaar met
eventuele uitloop tot vier jaar. De maximale beurs van zijn universiteit
in Mexico dekte dus de minimale promotie-tijd in Nederland. Als een van
de weinige onder zijn collega-AIOs heeft hij zonder vertraging zijn
doctoraat in vier jaar gehaald. Hij vertrekt binnenkort voor een jaar
naar Mexico, waar hij een baan heeft bij een nationaal onderzoekscentrum
van de olie-industrie. Hij gaat werken aan trillingscompensatoren die
gebruikt worden bij olieboringen.
Ik ben vanwege de bepalingen van mijn beurs verplicht na mijn promotie
een bepaalde periode in Mexico te werken bij een commercieel bedrijf of
aan de universiteit. Ik vind zelf ook dat ik best een tegenprestatie mag
leveren voor mijn beurs. Ik heb kansen gekregen die weinig gewone mensen
in mijn land krijgen, zegt hij.
Rodriguez vertelt dat hij het naar zijn zin heeft gehad in het goed georganiseerde
en gesynchroniseerde Nederland, maar dat hij nu toch blij
is dat hij terug mag naar het chaotische Mexico City. Het is fijn
dat alles hier zo goed geregeld is, maar een beetje kleur en spontaniteit
in het leven heb ik toch gemist. Als Latijns-Amerikaan was ik niet gewend
om aan de hand van een agenda te leven.
Dat verlangen naar spontaniteit is terug te vinden in één
van de stellingen in zijn proefschrift: Without order nothing can
exist. Without chaos nothing can evolve. Wie daar van terug heeft,
mag het zeggen op 30 oktober, de datum van Rodriguez promotie./.
|