Het ‘beeldend dichten’ van Eindhovenaar René Daniëls

door H uibert S poorenberg

De Eindhovense kunstenaar René Daniëls (1950) genoot in de jaren tachtig internationale bekendheid. Op eigen kracht had de ‘mooie jongen’ Daniëls zich een weg naar de top gebaand. Maar op kerstavond 1987 werd hij getroffen door een hersenbloeding, die hem sindsdien het werken heeft belet. Toch wordt Daniëls tot een van de belangrijkste naoorlogse Nederlandse kunstenaars gerekend. Het Van Abbemuseum toont nu voor het eerst een groot overzicht van zijn werk tot 1987. Dat gebeurt zowel in het oude daglichtmuseum aan de Bilderdijklaan als in het tijdelijke onderkomen aan de Vonderweg.

René Daniëls studeerde in 1976 af aan de Academie voor Kunst en Vormgeving in Den Bosch. In een tijd waarin conceptuele en minimale kunst domineerden, viel hij op door zijn associatieve en kleurrijke manier van schilderen. Hij schilderde boeken, skateboards en haring. Het schilderij Hollandse Nieuwe (1982) bijvoorbeeld ontstond uit een gedachte die Daniëls had toen hij haring at: ‘Stel dat ze ontdekken hoe lekker ze zelf zijn. Dan vreten ze elkaar misschien allemaal op en hebben wij niets meer.’

Linksom lopend over de tentoonstelling is de ontwikkeling van Daniëls goed te volgen. Begin jaren tachtig werd zijn werk associatiever, maar voortdurend bleef hij aandacht schenken aan het vermakelijke, het onverwachte en het dubbelzinnige. ‘Beeldend dichten’ noemde hij zijn werkwijze. Dat betekent dat niet alleen de vormen in zijn werk ‘rijmen’, maar dat hij ook woordspelingen gebruikt, zoals in de titels. ‘Memoires van een vergeetal’, ‘Palais des beaux-aards’ en ‘Geniale zones’ zijn slechts enkele voorbeelden. In dat opzicht staat hij dicht bij kunstenaars als Magritte of Picabia.

Zelfspot

Naast bon-vivant was Daniëls in zijn beginperiode een angry young man die als het moest zijn doeken met het grof vuil meegaf. Al van meet af aan hing er een mythe om hem heen, een reputatie waar zelf hij met verve aan meewerkte. Toen een Duitse journalist hem vroeg ‘Wie machen wir das Interview Herr Daniëls, auf Deutsch oder Englisch?’, antwoordde hij botweg ‘Das machen wir überhaupt nicht’.

Naast kunsthistorische verwijzingen zitten zijn schilderijen vol ironisch commentaar op het kunstbedrijf zelf. In Academie (1982), naar mijn mening een van de mooiste schilderijen, is de eerbiedwaardige kunstacademie niet meer dan een façade die in lucht opgaat. In de ramen/schilderijen citeert Daniëls zowel zijn eigen werk als clichés van de moderne kunst. En in The Most Contemporary Picture Show (1983), tevens de titel van de tentoonstelling, toont hij niet zonder zelfspot de moeizame loopbaan van de kunstenaar: in tegenstelling tot zijn Duitse en Italiaanse collega’s Al met al geeft deze tentoonstelling een prachtig beeld van de loopbaan van deze Eindhovense kunstenaar. Het is jammer dat er zo’n abrupt einde aan kwam. Hij tekent nog steeds, maar over de status van zijn huidige werk lopen de meningen nogal uiteen. Men vraagt zich af of kunst alleen kunst is als het bij ‘vol bewustzijn’ wordt gemaakt. Communicatie met de kunstenaar verloopt, net als zijn motoriek, zeer moeizaam. Maar allicht vermaakt hij zich stiekem prima met dit debat. Net als vroeger. Wie zal het zeggen?

Het werk van René Daniëls is nog te zien tot 30 augustus. Zijn schilderijen worden getoond in het oude museum aan de Bilderdijklaan, zijn tekeningen en gouaches hangen in het tijdelijke onderkomen aan de Vonderweg. De entree (voor studenten slechts vier gulden) geeft toegang tot beide tentoonstellingen. Na deze tentoonstelling wordt definitief begonnen aan de nieuwbouw van het museum.

Foto:
Het schilderij ‘The Most Contemporary Picture Show’ van René Daniëls uit 1983.